Goede banden, goede zaak!

We staan er niet altijd bij stil, maar de vier banden onder een auto hebben heel wat te verduren. Zo hebben o.a. onderstaande omstandigheden gevolgen voor de bandenconditie:
– Warme en koude weersomstandigheden
– Natte en droge wegen
– Asfalt- en klinkerwegen
– Onverharde wegen
– Stoepranden
– Puntige putdeksels
– Gaten in het wegdek na een vorstperiode

Vooral de laatsten zorgen letterlijk voor een slijtageslag aan de rubberbanden.

Waar je misschien niet meteen aan denkt, maar wat ook effect heeft op de levensduur van de banden, is de rijstijl van de bestuurder. Hard optrekken nadat een verkeerslicht op groen is gegaan, of stevig en laat remmen voor bijv. een bocht is een aanslag op het profiel van de banden.

In de RIS rijopleiding wordt in het eerste script bij controle buiten de auto aandacht besteed aan het optisch controleren van de staat van de banden en aan wanneer deze vervangen moeten worden. Ook wordt er geoefend om rustig en gecontroleerd weg te rijden en tijdig het gaspedaal los te laten, voordat er uiteindelijk geremd moet worden.

In praktisch elk theorie examen wordt wel een vraag gesteld over de bandenspanning, profieldiepte of aquaplaning en dat is niet voor niets!

Bandenspanning
De banden op de juiste bandenspanning zetten is een eerste vereiste om onnodige slijtage te voorkomen en om comfortabel en zuinig te rijden. Een te lage bandenspanning zorgt namelijk voor een hogere rolweerstand van de auto met meer energieverbruik tot gevolg. Tevens zorgt een te hoge bandenspanning zorg voor een stuiterende wegligging en voor onregelmatige slijtage aan de banden.

In het instructieboekje van de auto kun je teruglezen hoeveel bar of PSI er aan lucht in de band moet worden gepompt. Voor de meeste auto’s zal dit variëren tussen de 2.2 bar en 2.5 bar. Bij de zwaardere auto’s, zoals bijv. SUV’s zal dit tussen de 2.6 bar en 2.8 bar zijn. In de deurstijl van de bestuurder is vaak een sticker te vinden waarop je de bandenspanning op terug kunt vinden en soms ook in het klepje van de tankdop.

Tip 1: het is het beste om de bandenspanning te meten wanneer de banden koud zijn. Banden warmen namelijk op tijdens het rijden, waardoor de luchtdruk in de band toeneemt.

Tip 2: check om de 6 tot 8 weken de bandenspanning, vooral als je veel kilometers maakt! Als gevolg van het rijden, neemt de bandenspanning af.

Bandenprofiel
Het profiel van de banden zorgt ervoor dat je een goede grip hebt op het wegdek en dat overtollig (regen)water snel van de banden kan worden afgevoerd. Je remweg zal hierdoor kort zijn.Een nieuwe band heeft ongeveer 7 tot 8 mm profieldiepte, door het rijden zal de profieldiepte langzaam maar zeker afnemen en heeft dit gevolgen voor de remweg.

Wettelijk gezien is de minimale profieldiepte van een band 1,6 mm, ongeacht of het een zomerband, winterband of vierseizoenenband betreft. Via slijtindicatoren in het profiel van de band is de profieldiepte te zien, handig is om een euromunt te gebruiken.

Tip 3: valt de euromunt ruim in de groef, dan is er nog voldoende profiel aanwezig. Is de koperen rand van de munt te zien, dan wordt het tijd om de banden te vervangen.

Het advies is om zomerbanden sowieso te vervangen wanneer de profieldiepte 2 mm is. Bij vierseizoenenbanden en winterbanden is vervanging bij 4 mm profieldiepte aan te raden.

Aquaplaning
Aquaplaning ontstaat, wanneer er met hoge snelheden door een plas water wordt gereden. Hierdoor kan er niet voldoende water van de banden afvloeien en ontstaat er een dunne waterlaag tussen de banden en het wegdek. De auto dreigt dan onbestuurbaar te worden, en het remmen lukt dan ook nauwelijks meer met levensgevaarlijke situaties tot gevolg!

Wat kun je doen, als je in zo’n situatie belandt? Probeer het gas direct los te laten, ga niet remmen en kijk vooruit naar de richting die je wilt volgen. Wanneer de banden weer direct contact maken met het wegdek, dan zal de grip met het wegdek weer worden verstevigd. Ook hierbij geldt, weer dat er ruim voldoende profiel op de banden aanwezig moet zijn en de bandenspanning optimaal moet zijn om aquaplaning te voorkomen. En natuurlijk zul je je snelheid altijd moeten aanpassen aan de weersomstandigheden.

Drive safe!